Eat Healty, Fight Back

Ervaringen met een eetstoornis NAO


Interview met Hans


Persoonsgegevens

Naam: Hans
Leeftijd: 48
Burgerlijke status: getrouwd
Woonsituatie: woont samen met zijn man en 3 katten
Opleidingsniveau: MBO
Werk: vrijwilliger bij Featback, actief voor het COC (belangenvereniging voor homoseksuelen) en verhalenverteller (in verzorgingstehuizen, op scholen, locale televisie etc.).

Hoe is jouw eetstoornis ontstaan?

"Als jong kind was ik een moeilijke eter. Ik at nauwelijks iets en was zo mager als een lat. Ik weet nog dat mijn zus soms van mijn ouders moest applaudisseren als ik überhaupt iets had gegeten. Rond mijn zesde à zevende jaar is dat omgedraaid; ik kreeg eetbuien. Dat viel samen met de periode dat mijn broer drugs ging gebruiken. Hij was altijd al wel een ‘probleemkind', maar toen kwam hij echt in het middelpunt te staan. Alle aandacht van mijn ouders ging daar naartoe. Mijn zus kreeg in die periode ook een eetstoornis, dus ik denk dat het daar wel mee te maken had."

Welke rol speelde eten over het algemeen in jullie gezin?

"Het was grenzeloos bij ons thuis en een kind heeft behoefte aan grenzen. Ik heb dat ook gemist. Voor mijn gevoel heb ik me later nog helemaal zelf op moeten voeden. Verder heeft mijn moeder zelf ook veel met eten gehad. Ze is in Nederlands-Indië opgegroeid en heeft daar in een kamp gezeten. Jarenlang heeft ze slecht te eten gekregen. Toen ze uit het kamp kwam en onze moeder werd, vond ze: als je maar te eten hebt, dan is het goed. Eten was een teken van vrijheid en geluk denk ik. Tegelijkertijd kon ze zeggen: "Wat wordt je vet!" De boodschappen die ze uitzond waren dubbel. Ik voelde me onzeker bij hoe zij deed. Mijn vader hield zich afzijdig, van hem ervoer ik niet veel steun."

Hoe hebben je eetproblemen zich verder ontwikkeld?

"Vanaf toen had ik eigenlijk continu honger en was ik alleen maar bezig met waar ik mijn volgende portie eten kon scoren. Ik at op een gegeven moment ook voedsel dat ik niet eens lekker vond. Ik denk dat ik gewoon ‘vulling' zocht. Mijn ouders wisten er tot op zekere hoogte wel van. Zo zagen ze wel eens de hompen droog brood naast mijn bed als ik in slaap was gevallen. Of kwam mijn moeder erachter dat ik haar bestelbriefjes van de kruidenier vervalste en mijn eigen bestellingen erbij zette. Als dit soort dingen uitkwamen werd er wel wat van gezegd, maar eigenlijk had het weinig consequenties.

Op mijn vijftiende kreeg ik een ongeluk waardoor ik mijn been had gebroken. Ik ben toen in korte tijd zo dik geworden, dat ik zelfs striae kreeg. Ik ben zogezegd ‘uit mijn voegen gescheurd'. Hier heb ik voor de rest van mijn leven een minderwaardigheidscomplex aan overgehouden. Ik voelde me er zo niet bijhoren; alsof er een grote muur zat tussen mij en mijn klasgenoten. Ik voelde me walgelijk, een afschuwelijk vies varken. Ik werd ook uitgescholden en gepest met mijn gewicht. Op een gegeven moment kreeg ik echt het gevoel dat ik er beter niet kon zijn. In die tijd ben ik er achtergekomen dat ik homoseksueel ben, maar dat zag ik eigenlijk meer als een bijkomend probleem. Ik dacht: mijn ouders hebben het al zo zwaar en dan komt dit er ook nog eens bij. Ik vond het een vreselijke tijd, die hele puberteit."

Wanneer kwam er verandering in dit eetpatroon?

"Ik was heel blij toen ik uit huis ging, dat was rond mijn twintigste. Wat betreft het eten is er toen een knop omgegaan (al was het gedrag dat volgde ook niet gezond). Ik weet nog dat ik mezelf in de spiegel zag -een soort reus- en dacht: dit ben ik helemaal niet. Ik had het gevoel terug te moeten naar wie ik werkelijk was of iets dergelijks. In ieder geval moest ik veranderen. Ik ben toen een dieet gaan volgen waarbij ik alleen meloenen mocht eten. Van de een op de andere dag had ik geen eetbuien meer. Sterker nog, ik at alleen nog meloen en dat werd steeds minder tot ik nog maar een stukje per dag at. Ik had wel honger, maar dat kon ik goed onderdrukken. En als ik toch honger had, dan voelde ik me daardoor ook heel trots. Met name als ik daar niet aan toe gaf. Het vertelde me dat ik sterk was.

In de periode dat ik op kamers woonde, voelde ik me op een gegeven moment wel eenzaam. Daar raakte ik van in paniek. Om deze paniek te dempen, heb ik een groot bord bami gegeten, dat weet ik nog goed. Dit is het begin geweest van een tijd dat ik wel weer at, af en toe. Ik kreeg wel weer eetbuien, maar dan at ik daarna bijvoorbeeld weer een week niets. Als ik at probeerde ik het uit te braken, alleen lukte me dat meestal niet. Dus sportte ik veel, gebruikte afslankpillen en drugs, en ging ik nachtenlang uit. Deze levensstijl heb ik van mijn twintigste tot dertigste volgehouden. Omdat ik hierbij redelijk slank bleef, kon ik dat zo goed als onopgemerkt blijven doen."

Merkte je omgeving dan niets van je eetstoornis?

"Ik was heel goed in het doen alsof. Ik had niet veel energie, dus hield ik nooit iets lang vol, werk of opleidingen. Tegelijkertijd ging ik veel uit en kreeg ik ineens heel veel positieve aandacht in de gayscene. Dat was geweldig, want dat was ik natuurlijk niet gewend. Ook was ik nog steeds erg met mijn ouders begaan, die nog steeds veel zorgen hadden over mijn broer. Eigenlijk kwam ik nooit aan mijn eigen leven toe. Ik had natuurlijk mijn eetstoornis, maar wie ik wezenlijk was en wat ik wilde, daar was gewoon geen tijd voor. Mijn opleiding heb ik uiteindelijk nog gehaald; op een of andere manier glipte ik altijd tussen de mazen van het web. Ik was in die periode wel altijd moe.

Uiteindelijk kwam ik toen ik dertig was mijn huidige man tegen. Aan hem liet ik wel zien wie ik was en hoe verstoord ik eigenlijk functioneerde. Eerder vertelde ik het ook wel aan mensen, maar die namen het meestal niet serieus. Ik ben best een gangmaker dus mensen geloven het vaak ook niet, nog steeds niet altijd. Uiteindelijk waren er verschillende mensen die me doorzagen en confronteerden. Zo zei een vriendin dat ik mezelf alleen ‘liet zien' als het goed met me ging. En dat het er om ging dat je jezelf ook mag laten zien, als je je niet goed voelt. Ik deed in die tijd de opleiding tot B-verpleegkundige wat moeizaam verliep, en ik kwam er steeds meer achter dat ik eerst mezelf moest gaan helpen. Ik ben toen in therapie gegaan, wat ik negen maanden heb gedaan. Dat werkte echter niet goed omdat ik me sociaal wenselijk gedroeg. Daarbij sprak de manier waarop ik bejegend werd me niet aan. Ik vond dat ze me erg de les lazen en ik voelde me gekleineerd.

Na de afronding van deze therapie wilde ik de draad oppakken en ben ik weer een opleiding gaan doen. Niet meer tot B-verpleegkundige, want dat vond ik te zwaar, dus ging ik voor: ziekenverzorger. Dit bleek echter niet bij mij te passen, omdat daar volgens een bepaald stramien gewerkt werd en daar niet vanaf geweken mocht worden. Ik ben veel vrijer in mijn doen en laten. Zo zong ik liedjes voor de mensen en zette ze met mooi weer lekker buiten in de zon, maar dat mocht niet. Ik kreeg ruzie met collega's en werd ter verantwoording geroepen bij mijn werkgever. Omdat ik me zo beperkt voelde, vond ik mijn werk verschrikkelijk en kreeg ik op een gegeven moment hoge bloeddruk.

Toen ging ik weer eten. Het lukte me niet meer om het niet of zeer gecontroleerd eten met mijn werk te combineren, dus én slank blijven én werken, en liet ik dat streven en het daarbij horende eetgedrag los. Doordat ik dat losliet, kwamen de eetbuien terug. Ik heb toen in een paar maanden tijd zoveel gegeten dat ik dikker werd dan ooit, namelijk rond de 135 kilo. Ik hield het niet meer vol en ook mijn vriend heeft me toen gevraagd te stoppen. Mede daardoor ben ik weer hulp gaan zoeken, dit keer bij Centrum Eetstoornissen Ursula. Ik heb daar twee jaar in een mannen-eetgroep gezeten. Hier voelde ik me voor de eerste keer wel serieus genomen en hier werd wel gezien wat ik ‘mankeerde'. Na deze therapie heb ik nog jaren individuele gesprekken gehad als nazorg."

Wat heb je tijdens deze laatste therapie geleerd?

"Ten eerste had ik van huis uit natuurlijk al nooit normaal leren eten, dus moest ik dat leren. Zoals het standaard eten van een ontbijt, lunch en avondeten. Verder heb ik gemerkt dat ik mezelf snel opstel als een soort toeschouwer. Ik vind het heel eng om echt ‘deelnemer' te zijn, nog steeds wel. Om echt in een proces te stappen. Wat wel grappig is, is dat als ik het eenmaal doe, ik het ook wel heel leuk vind. Verder is het helder geworden dat ik snel geneigd ben om met anderen bezig te zijn. Aan mezelf beginnen vind ik veel enger. Ook wist ik niet goed wat ik nodig zou hebben, wat ik eigenlijk wilde. Dat vond ik al eng. Laat staan, het recht op te eisen daarvan, dat ik dat ook mag. Als je dat niet van kinds af aan meekrijgt, dan blijft dat heel moeilijk denk ik. Ik ben door de therapie niet geheel af van deze angsten, maar ik heb wel geleerd en geaccepteerd dat ik dit moeilijk vind. Ten slotte heb ik gekeken naar mijn verslavingsgevoeligheid, wat overigens ook wel in de familie zit. Ik heb ontdekt dat ik behoefte heb aan controle, dit uit zich in restrictief eetgedrag. En als ik die controle loslaat, slaat het door naar de andere kant. Ik kan wat dat betreft best zwart-wit zijn. In het verleden heb ik ook overmatig alcohol gedronken en drugs gebruikt, en nog steeds vind ik het moeilijk om maat te houden. Maar eten of niet eten is wel altijd mijn ‘hoofdverslaving' geweest."

Hoe gaat het nu met eten?

"Ik heb nog steeds periodes waarin ik begin met lijnen. Ik voel me dan eigenlijk nog steeds heel ‘sterk' als ik slanker word, maar ik kan het nu wel weer op tijd stoppen en het relativeren. Wat bewijs je dan en waar lijn je naartoe, denk ik dan. Ik laat dat lijnen dan weer los. Meestal krijg ik dan weer een paar eetbuien, juist omdat ik me tegen dat lijnen afzet. En dat roept dan weer veel angst op. Helaas blijven dit soort periodes nog wel aanwezig."

Verwacht je dat dit nog over zal gaan?

"Nee, ik heb heel lang gedacht dat dit de laatste restverschijnselen zijn die wel overgaan. Maar nu denk ik meer dat het iets is dat ik een plaats moet geven of eigenlijk wel heb gegeven. Soms word ik er wel moe van, natuurlijk zou ik willen dat het er niet was. Maar het wordt beter en dat heeft naar mijn idee ook te maken met leeftijd. Wat dat betreft vind ik ouder worden fijn. Ten slotte helpt humor me heel erg. Mijn partner heeft gelukkig een goed gevoel voor humor. We kunnen samen goed om dingen, ook van elkaar, lachen."

Wat heeft de behandeling en het voor het grootste deel afkomen van je eetstoornis je uiteindelijk opgeleverd?

"Het klinkt clichématig, maar: het idee dat ik zelf iemand ben, en mag zijn. Als het over mij ging, werd ik voorheen heel lacherig. Alsof ik er eigenlijk toch niet toe deed. Nu heb ik dat niet meer zo. Verder ben ik door de therapie concreter geworden, ik was altijd nogal zweverig. Ik leef nu meer in het hier en nu. Sporten helpt me hierbij en om in mijn lijf te komen, dat doe ik nu dan ook standaard twee à drie keer per week. Tenslotte ben ik gaan accepteren dat ik beperkt ben in mijn leven. Ik heb bijvoorbeeld geen betaalde baan. Vroeger had ik allemaal dromen en ideeën over mijn carrière en het daarbij horende geld verdienen. Die dromen gingen altijd over het onbereikbare ‘later'. En dan blijkt het opeens later te zíjn. Er is een hoop niet verwezenlijkt in mijn leven en dat is wel verdrietig. Wel ben ik heel gelukkig met mijn man en vrijwilligerswerk. Maar toch wegen mijn zwakke kanten soms wel eens zwaarder. Dat blijft lastig."

Wat zou je met dit verhaal willen bereiken of uitdragen?

"Ik vind een eetstoornis een lastige en ongrijpbare aandoening. Hoeveel mensen lopen er niet rond die een eetstoornis hebben, waar je het helemaal niet van weet? Naast (jonge) vrouwen, hoop ik vooral dat mannen en jongens met een eetstoornis zich aangesproken zullen voelen door dit verhaal. Bij deze doelgroep zijn eetproblemen nog veelal een taboe. Ik heb zelf zoveel last ondervonden van mijn eetstoornis, hopelijk kan ik er nu iets goeds mee doen en daarnaast hoop ik natuurlijk dat iemand anders er ook iets aan zal hebben."

Zou je Featback hebben gebruikt als het er toen geweest zou zijn?

"Ik vind het moeilijk om dat te bedenken omdat er vroeger natuurlijk geen internet bestond, maar ik denk het wel. Ik zou het in ieder geval hebben opgezocht. Het mooie van deze generatie is, dat zij de mogelijkheid heeft om online informatie te verkrijgen en (anoniem) hulp te zoeken. Dat is een voordeel, want net als vele andere mensen met een eetstoornis, voelde ik me heel alleen en eenzaam."

 
Manja Cheng | 18 juli 2011 14:06 | 2 reacties | Reageer!


Reactie van Vincent

Laat ik de eerste zijn die reageert :-).
Ik heb dit verhaal meerdere keren gelezen voor ik er op reageer en heb nu nog moeite om mijn reactie te plaatsen. Ik herken zo veel van wat hier omschreven
wordt.
Om te beginnen ben ik ook een man en ben blij het relaas van een andere man te lezen. Ben ik niet de enige met een eetbuistoornis.
Ik was als kind een goede eter, schraapte vaak de borden van tafelgenoten leeg. Door groeispurt bleef
ik als kind mager, zelfs toen ik er een gewoonte van begon te maken om 's avonds in bed behoorlijk veel te snoepen. Wanneer ik op mijn 13 jaar stopte met groeien veranderde dat. Ik ging in drie jaar tijd van 56 naar 89 kg. Ik kreeg ook striae, wel op de
binnenkant van mijn benen, wat dus nog meeviel. Ik ben toen beginnen afvallen, zakte terug naar 75kg maar alcohol kwam in de plaats.
Op mijn 26 jaar ben ik daar van afgekickt, sindsdien zijn de eetbuien teruggekeerd, in het begin af en toe
, de laatste tijd bijna dagelijks en soms meermaals per dag. Toen ik opnieuw begon aan te komen ben ik in eerste instantie beginnen sporten en toen dat
niet lukte volgden dieet- en laxeerpillen.
Dat laatste neem ik intussen gelukkig nog maar zelden. Het gevolg is natuurlijk wel dat ik de voorbije twee jaar opnieuw enorm in gewicht toegenomen ben, van ongeveer 90 naar mijn huidige 123 kg. Ik voel mij hier eveneens enorm slecht bij, vindt mezelf vies. Bovendien heb ik sinds enkele maanden ook stria op mijn buik en bovenarmen.
Ik ben al enkele weken op zoek naar info. Tot op heden dacht ik BED te hebben, maar met het lezen van dit bericht begin ik hieraan te twijfelen.

Maandag 6 oktober 2014 21:38


Reactie van Featback

Beste Vincent,

Dank je voor je reactie. Dapper dat je dit hebt durven delen. Wat worstel je al lang met je eten/lichaam/gewicht zeg. Ik ben benieuwd of je hier al eens hulp voor hebt gezocht. Je geeft aan dat je twijfelt of je BED hebt, maar geeft aan dat je bijna dagelijks eetbuien hebt en deze niet (meer) compenseert. Dit klinkt wel als een eetbuistoornis, maar om dit echt te kunnen vaststellen zal je natuurlijk langer iemand moeten spreken. Het klinkt in ieder geval alsof je er veel last van hebt en er best wat hulp en steun bij zou kunnen gebruiken, voor zowel je lichaam als je geest. Ik wens je veel sterkte en mocht je nog bepaalde vragen hebben, mail ons dan gerust.

Met vriendelijke groet,
Het Featback-Team

Dinsdag 14 oktober 2014 14:13

Reageer op dit bericht


Je reactie wordt eerst gechecked door een moderator voordat deze geplaatst wordt!

Je naam :
Je E-mail adres : (optioneel, wordt niet getoond)
Website : (optioneel)
Wat wil je kwijt? :
CAPTCHA Image
Ik kan de code niet lezen
Letters hierboven :